· 

Week 19: Op mijn tanden bijten en 2/3 minder trainen

Woensdag 8 mei:

 

Afstand: 4,86 km

Gemiddeld tempo: 12:50 min/km

Hoogteverschil: 4 m

 

Met de huisarts heb ik afgesproken deze week twee keer vijf kilometer te gaan wandelen, zodat ik de pijn goed kan invoelen en die niet door al te veel niets te doen zover overgaat dat ik de orthopedisch chirurg niet meer kan vertellen wat er nu eigenlijk precies aan de hand is. Klinkt een beetje gek, weet ik, maar na drie dagen van relatieve rust voor de voetjes voel ik inderdaad pas weer echt ongemak wanneer ik meer dan vijftig meter loop. Best een logisch advies dus, achteraf.

 

En juist omdat mijn voet een stuk minder pijn lijkt te doen ga ik vol goede moed op pad. Het is de hele dag al regenachtig. Ik kies een moment tussen de buien door, trek mijn wandelschoenen aan en vertrek. Zonder regenjas, zonder rugzak. Ik heb eigenlijk alleen mijn telefoon bij me om de route te kunnen vastleggen. Beetje onhandig wel, want niet veel later kletst de lenteregen op mijn kop en door mijn jas. De wind waait mijn broek nat en de steken schieten om de paar seconden door mijn linkervoet richting mijn tenen. 

 

Ik loop letterlijk te ah-stap-ah-stap-ah'en. Ook een aaaaauw! komt regelmatig voorbij, met bijpassende grimas. Bij de eerste tranen die opwellen wil ik rechtsomkeert maken. Ik voel me zo teleurgesteld! Ik dacht echt dat het door het rusten wat beter ging, maar niets is minder waar. Hoe kan dat nou? Toch een stressbreuk? Dit wil ik helemaal niet. Ik moet en zal die berg op! Ik wil dat doel bereiken, koste wat het kost, maar met deze voet gaat me dat heel duidelijk echt niet lukken. 

 

Ondertussen blijf ik stevig doorlopen, mijn voet goed afrollen en voelen wat er precies gebeurt van binnen. Na een kilometer of twee, tweeënhalf lijken de pijnscheuten wat af te nemen. Mijn voet begint dikkig te voelen, alsof er een kussentje onder de pijnlijke plek komt te zitten. Vier van de vijf tenen staan in lichterlaaie en ik heb moeite mijn ademhaling, in plaats van snel en oppervlakkig, diep te houden. Wanneer ik me af en toe even iets rustiger voel, concentreer ik me op mijn dochter, die op dit moment een moeilijk tentamen aan het maken is en wel wat positieve energie kan gebruiken. Het focussen op een warm hart en iets liefs voor een ander doen leidt me telkens even goed af.

 

Maar ik heb medelijden met mijzelf en voel me stom. Af en toe springen de tranen me in de ogen. Ik knipper ze iedere keer bozig weg. Van de omgeving merk ik weinig. Ik zit in mijn eigen miserie-bubbel en vecht tegen de pijn, dwing mezelf door te lopen, heb mijn handen diep in de zakken en laat me dan maar natregenen. Het enige dat me echt opvalt is een koppel dat met elkaar staat te kijven over een stuk papier. Ook al miserie daar.

 

De woorden van Hans, die ik vanmorgen aan de telefoon had, schieten me ineens te binnen: het heeft weinig zin ertegen te vechten, je moet het ondergaan. Ik herhaal het als een mantra. Het helpt me om mijn ellende een beetje los te laten en me wat te ontspannen. Het stopt met regenen en ik besluit om toch dat extra straatje te lopen om de vijf kilometer (bijna) vol te kunnen maken. Afspraak is tenslotte afspraak.


Zaterdag 11 mei:

 

Afstand: 5,51 km

Gemiddeld tempo: 14:30 min/km

Hoogteverschil: 27 m

 

Tegen de wandeling van vandaag zie ik een beetje op. Voor ik vertrek knoop ik het advies van Ad en Anne in mijn oren: rustig aan, stoppen wanneer het teveel pijn doet, terugkeren als het echt niet meer gaat, niet forceren. Gelukkig is het vandaag veel mooier weer dan voorspeld. De zon schijnt, de temperatuur is aangenaam. Ad en ik zitten in een hotelletje in Arnhem, omdat Ad bij het Framed Festival de 165 km-variant van de Classico Boretti gaat fietsen vandaag. Petje af!

 

Mijn route loopt voor een stuk langs het begin van het Classico Boretti parcours, over en langs het terrein van Papendal. Ik voel me een beetje ongemakkelijk en heb het idee dat ik er eigenlijk niet mag lopen met al die fietsers die me voorbij zoeven. Totdat er een is die uitroept: 'Kijk, een ronde-miss!' Ik moet lachen, maar ben toch blij dat mijn wandeling een tiental meters verderop afbuigt van de route die de koersfietsers volgen. Ik loop al snel langs het golfterrein. Op de een of andere manier voelt het hier Amerikaans, heel apart. 

 

Wat mijn manke pootje betreft... Ik heb ontdekt dat wanneer ik mijn voet zo vlak mogelijk houd en meer op de buitenrand van de voetzool loop, dat het dan minder snel en minder hevig zeer doet. Het helpt voldoende om de wandeling van vandaag aan te kunnen en te genieten van de natuur en mijn omgeving. Ik heb een super relaxed tempo en stop regelmatig, meestal eventjes om een foto te maken of te genieten van een uitzicht, soms wat langer. En juist doordat ik zo traag vooruit kom zie ik veel meer van de natuur om me heen, heel gaaf!

 

Ik ontdek de voetsporen van een spreeuw in de opdrogende modder, neem de tijd om een gewone meikever te observeren en kom dan tot de ontdekking dat er nog veel meer zijn. Er vliegt er een weg, prachtig om te zien. Groot ook! Uit de eiken hangen aan ragfijne draadjes heel kleine groene rupsjes. Ik weet niet zeker of het processierupsen zijn en trek uit voorzorg mijn jas maar weer even aan. Ik meen me te herinneren dat je nogal allergisch kunt reageren op de haartjes van deze rupsen (bij nazoeken blijkt dat het rupsjes van de kleine wintervlinder zijn).

 

Wat verder op mijn weg zie ik een bosmuisje met zijn voorpootjes bovenop een boomwortel naar me staan kijken. Als ik stilsta om hem beter te kunnen observeren floepst hij zijn holletje in, steekt nog even zijn neus naar buiten en verdwijnt dan helemaal. Wat een schattig ding. Ik ga op mijn hurken bij de verzameling bosmuisholletjes zitten -telefoon in de aanslag- en houd me stil. Ze komen jammer genoeg niet meer tevoorschijn.

 

Wel komen er drie paarden aan met elk een begeleider ernaast voor de teugels en een minder begaafde jongere op de rug. Het eerste meisje kijkt verschrikt naar me. 'Griezelig hè?' zegt haar begeleidster. 'Ja!' zegt ze. Ik besluit het ijs te breken en roep vrolijk 'Hallo!' Ze durft voorzichtig 'Hallo' terug te zeggen. Een overwinning. Het tweede meisje kijkt geconcentreerd recht voor zich uit en houdt zich stevig vast aan haar paard. De jongen die de rij sluit kijkt naar me en zegt luid: 'Kijk eens hier! Doe ik het goed?' 'Je doet het hartstikke goed!' roep ik hem toe. 'Dankjewel', zegt 'ie.

 

Ik ben blij. Mijn wandeling vandaag voelt zo anders dan die van eerder deze week. Wat een verschil kan mindset maken zeg. Mijn pootje doet af en toe net zoveel pijn als woensdag, maar nu gun ik mijzelf de tijd om bij te komen als het nodig is en lukt het me om desondanks volop te genieten. Zoveel beter zo. Ik bedenk dat ik met deze houding de Mont Ventoux misschien toch wel kan bedwingen, mocht er niets aan de huidige situatie gedaan kunnen worden. Qua tijd gaat me dat dan zeker een uur of tien kosten, but who cares?


Reactie schrijven

Commentaren: 2
  • #1

    Hans S (zondag, 12 mei 2019 10:27)

    Weer een prachtige beschrijving van je foto's, wandelen en worstelen. Ik ben jaloers op je doorzettingsvermogen, omdat ik mijn eigen beperkingen heb en dus dit soort wandelingen niet (meer) kan maken.

  • #2

    Michiel (zaterdag, 18 mei 2019 09:49)

    Geen makkelijke weg naar jouw voettocht toe, daarom juist heel stoer dat je doorzet!